1944

Omgekomen inwoners Laren

Half bevrijd en dolle dinsdag


De oorlog kwam in een beslissend stadium. De geallieerden waren geland in Normandië en rukten op richten Duitsland. En ook aan Oostfront rukten de Russen al op richting Berlijn.


Nederland werd al half bevrijd, maar het stokte bij de slag om Arnhem, waardoor de Rijn niet gepasseerd werd.

In het westen van Nederland ontstond in september 1944 het gerucht dat de Canadezen snel richting Amsterdam kwamen. Op 5 september ging overal de Nederlandse driekleur in top en Duitsers en NSB’ers namen de vlucht met medeneming van veel geroofd spul.


5 september werd later bekend als “Dolle Dinsdag”.

Hijman Abraham Schnitzler

Geboren: Amsterdam, 28 maart 1869

Overleden: Auschwitz, 8 april 1944

Bereikte de leeftijd van 75 jaar

Gehuwd en vader van drie kinderen

Beroep: Diamant-exporteur

Abigail Schnitzler-Rodrigues Nunes

Geboren: Amsterdam, 11 februari 1876

Overleden: Auschwitz, 8 april 1944

Bereikte de leeftijd van 68 jaar

Gehuwd en moeder van drie kinderen

Hijman Abraham is een zoon van Abraham Schnitzler en Saartje Barnstein. Hij trouwde 16 augustus 1900 met Abigaël Rodrigues Nunes. In de oorlog woonden zij op de Leemkuil in Laren. Op 4 november 1902 is hun zoon Leonard geboren in Semarang. Nederlands-Indië.


Hijman Schnitzler 75 jr en zijn vrouw Abigael Rodrigues de Nunes (68 jr) zaten in begin 1944 ondergedoken in Driebergen bij de familie Ham-Stein op de Boschstraat 66. Wanneer het Nederlands Beheer Instituut (NBI) na de oorlog probeert de bezittingen te claimen, blijken enkele kostbare sieraden verdwenen te zijn. De heer Ham wordt na de oorlog wegens jodenverraad gedetineerd in kamp Laren (Bron: Nationaal Archief, NBI 2.09.16.11 inv.nr. 4625)

Maker van het herinneringsbordje Abigail en motivatie: Maria Welling


Geboren in 1947

Wat weet je daar dan van.

Ja zeker daar mag / kan niemand aan ontkomen.

Geen woorden te bedenken.

Een eer om dit te mogen doen.


Maker van het herinneringsbordje Hijman en motivatie: Loeki Stam,

Motivatie (Vrij naar Vroman):

Kom vanavond met verhalen dat:

Racisme

Discriminatie

Honger

en

Oorlog zijn verdwenen.

En herhaal ze honderd malen.

Ik zou blij zijn en niet wenen.

En tweede overweging Loeki bij het maken van dit plankje:

Kleurrijke wereld, nooit meer oorlog!


Kurt Emanuel Schöndorff

Amsterdam, 8 april 1908

Auschwitz, 5 maart 1944

Bereikte de leeftijd van 35 jaar

Beroep:

Kurt Emanuel Schöndorf uit Essen (D), trouwde op 17 Juli 1935 in Amsterdam met Ella Meijer, een dochter van Ruben Meijer en Mietje de Winter. Hun toekomstig adres zou worden Uiterwaardenstraat in Amsterdam. Daar werd in 1938 hun zoon Rudolf geboren. Per 25 Oktober 1940 vertrokken zij vanuit Amsterdam naar Laren, adres Koloniepad. Later doken zij onder op de Bijenstand.

Vanuit dit huis (Bijenstand) voerde Jan Bartels, als een van de eersten, zijn verzetsacties tegen de Duitse bezetter. Hij werd hier op 26 September 1941 gearresteerd en keerde nooit meer terug uit gevangenschap.


Zijn echtgenote, Annie Bartels-Striethorst, verborg in dit huis het echtpaar Walter en Sophia Kattenburg, Kurt Schöndorff & Ella Schöndorff-Meijer en Edgar Weinberg tegen de Jodenvervolging.

Op 16 Februari 1944 werd een inval gepleegd door landverraders. Mevrouw Bartels en alle onderduikers werden gearresteerd en overgebracht naar de Euterpestraat in Amsterdam. Slechts Ella Schöndorff met haar zoontje Rudolf wist te ontsnappen.


Kurt Schöndorff werd op 22 Februari 1944 naar Kamp Westerbork gezonden waar hij moest verblijven in strafbarak 67 en op 3 Maart 1944 werd hij naar Auschwitz gedeporteerd en direct bij aankomst om het leven gebracht. Zijn vrouw Ella en hun zoon Rudolf hebben beiden de Holocaust overleefd.

Van alle andere bewoners is alleen Edgar Weinberg uit Auschwitz teruggekeerd.


Meer informatie in:

“WITNESS OF THE CENTURY".

Geschreven door Edgar Weinberg (Sjoa overlevende). Uitgegeven in eigen beheer door Steven Weinberg, Luxemburg, 1997.

Uit het Engels vertaald door Mevr. G. Meulenkamp van de Historische Kring Laren.

Geredigeerd en gecorrigeerd door Steven Weinberg in 2015.

Maker van de herinneringsbordjes: Steven Weinberg

Ruben Meijer

Geboren: Borculo, 6 april 1874

Overleden: Auschwitz, 6 september 1944

Bereikte de leeftijd van 70 jaar

Beroep: handelsagent

Ruben (‘Ruudje’) Meijer en Marie (‘Mietje’) Meijer-De Winter verbleven op verschillende onderduikadressen. Aanvankelijk bij het echtpaar Harry van Puijenbroek en Clara van Puijenbroek-Cock (Jutmannen, Blaricum), die het alleen om de centen te doen was en waar ze uitermate slecht behandeld werden. Toen bij ‘Tante Aafje’ Alblas (Professor Van Reeslaan, Blaricum).

De bejaarde mevrouw Alblas verborg maar liefst 12 onderduikers, maar in december 1943 moesten allen wegens chantage vluchten en elders een onderkomen vinden. Voor Mietje en Ruudje was dat bij pianist Dirk Rosenbaum en Johanna Rosenbaum-Goenee (Kievitdwarsstraat, Utrecht). Uiteindelijk komen ze in juni 1944 terug naar het Gooi, en duiken onder bij de familie Gijs Terweijden (Ijsbaanweg, Laren). Daar worden ze op 1 juli 1944 gepakt. Via Westerbork arriveren ze op 6 september 1944 in Auschwitz, waar ze direct na aankomst worden vergast.

Zowel Kurt Schöndorff (zie vorige blz.) als zijn schoonouders werden verraden door het vroegere dienstmeisje van de fam. Meijer, Mia Hamstra. De jodenjagers, zowel op 16 februari als op 1 juli 1944, waren de Nederlandse politieagenten Gerrit Oude Wolbers, Adriaan Kaptijn en Theo van Zwam.


Maker van de herinneringsbordjes: Steven Weinberg


Joseph de Leeuw

Geboren: Arnhem, 5 februari 1887

Overleden: Auschwitz, 6 maart 1944

Bereikte de leeftijd van 57 jaar

Beroep: koopman

Hendrika de Leeuw-Appel

Geboren: Amsterdam, 20 maart 1888

Overleden: Auschwitz, 6 maart 1944

Bereikte de leeftijd van 55 jaar

Beroep:

Hendrika is op 13 augustus 1913 getrouwd met Joseph de Leeuw (1887-1944) zoon van Philip de Leeuw en Johanna Poppers. Zij kregen 3 kinderen: Philip (24-05-1914/20-11-1944), Susanna en Arnold. Philip (Flip) was onderwijzer en is geëxecuteerd bij Rhenen door een vuurpeloton in de bossen van Prattenberg vanwege deelname aan het Nederlandse verzet. (uit: www.geni.com)

Zijn beroep was koopman. Zij woonden op de Engweg 4, Laren. Joseph was thuis met zijn zieke vrouw toen Duitse soldaten hem kwamen halen. Hendrika had kanker en hij sprong toen uit het raam vanaf de derde verdieping. Op deze manier zijn zij meegenomen in de trein naar Westerbork: zij ziek met maagkanker en hij met 2 gebroken benen.

Maker van de herinneringsbordjes en motivatie: Ria Doorn en Liesbeth van Lenteren

Ook al worden deuren dicht gedaan.

Hun harten bleven openstaan.

Dan is er oorlog en geweld waarbij een mensenleven niet telt.


Joseph en Hendrika op dezelfde dag overleden.


Nico Maurits Pimentel

Amsterdam, 15 september 1904

Flossenbürg, 3 april 1945

Bereikte de leeftijd van 40 jaar

Beroep: manegehouder

Nico Maurits Pimentel woonde ten tijde van zijn arrestatie door de SD op 29 maart 1944 in Laren met zijn tweede echtgenote Wilhelmina Hendrika Bouwmeester. Hij is overleden tijdens een “dodenmars” vanuit concentratiekamp Flossenbürg richting Cham, in de omgeving van Muschenried.

Hij was eerder gehuwd geweest met Elisabeth Flora van Hasselt en had 1 dochter uit dat huwelijk. (1935)


Burgerwacht Laren: In 1939 wordt als gevolg van de Wet op de Weerkorpsen, de Larense Vrijwillige Burgerwacht ontbonden. Het doel van de nieuwe burgerwacht is om ‘het wettig gezag daadwerkelijk te steunen en te verdedigen’, waarbij er geoefend wordt met wapens en EHBO-vaardigheden. Hiertoe wordt een twintigtal uniformen aangeschaft. Tot onder-commandant wordt N.M. Pimentel van de Larense manege benoemd.


Maker van het herinneringsbordje: Marion van ’t Klooster-Angenent


Johannes (Jo) Hessels

Bussum, 6 maart 1911

Vught, 4 september 1944

Bereikte de leeftijd van 33 jaar

Beroep: koopman

Johannes Hessels is koopman van beroep. Hij is getrouwd met Rudolphina Vuijk en samen wonen zij in Laren.


Verzet

Jo Hessels (alias de Gooier) en Hendrik van Wilgenburg zijn de leidinggevenden in het verzet in het Gooi. Op 22 november 1943 organiseert Hendrik een overleg voor de Top van de LO in Laren, in het huis van Jo Hessels aan de Velthuysenlaan 15. De grote vraag naar persoonsbewijzen is het belangrijkste onderwerp. Er wordt besloten een eigen Persoonsbewijs Sectie in het leven te roepen en Hendrik wordt het hoofd van deze organisatie in LO-verband.


Om in de eerste levensbehoeften van onderduikers te kunnen voorzien, moest er voor bonkaarten worden gezorgd en de plaatselijke leiding van dit werk werd opgepakt door Jo Hessels. Jo werd van plaatselijk leider districtsleider en van districtsleider provinciaal leider Noord-Holland voor de productie en distributie van vervalste bonkaarten.


Vergaderingen

Hendrik onderhoudt het contact met de vertegenwoordigers van de LO uit het hele land door elke dinsdag zitting te houden aan de Nieuwezijds Voorburgwal 74 in Amsterdam. Zo ook op 13 juni 1944. Een in 1942 opgepakte verzetsman die voor de SD gaat werken, Engelbertus Brune, tipt de Duitsers over deze bijeenkomst. Alle aanwezigen worden als gevolg van dit verraad opgepakt. Dat gold ook voor Jo Hessels die door een speling van het lot juist op die dag zijn vriend wilde bezoeken.

Johannes Hessels wordt op 4 september 1944 op de fusilladeplaats nabij kamp Vught gefusilleerd. Van de overige gearresteerden op 13 juni 1944 verliezen nog veertien anderen, waaronder Hendrik van Wilgenburg het leven in verschillende concentratiekampen.

De voor de SD werkende verzetsman Brune wordt pas na de oorlog ontmaskerd en berecht. Hij wordt veroordeeld tot tien jaar met een proeftijd van drie jaar.


Maker van het herinneringsbordje en motivatie: Ria en John Timmerman

Johannes Hessels en Hendrik van Wilgenburg - Indrukken wekkende geschiedenis van deze 2 heren en hun gezinnen.

Zij hebben veel en goed werk verricht op landelijk niveau. Voor alle onderduikers en verzetsmensen waren (vervalste) paspoorten en bonnen nodig. Bonnen om de onderduikers de gelegenheid te geven om ook de onderduikers eten te geven.

Zij hebben dit helaas met hun leven moeten bekopen.

Over Van Wilgenburg is een bijzonder boek gemaakt.


Hendrik August van Wilgenburg

Laren, 27 augustus 1909

Kamp Vught, 4 november 1944

Bereikte de leeftijd van 35 jaar

Beroep: eigenaar meubelzaak

Hendrik van Wilgenburg trouwt op 23 maart 1933 in Assen met Lutske Boverhuis, zij krijgen drie kinderen. Tijdens de oorlog woont het gezin in Laren, Schapendrift nummer 47. Hendrik is eigenaar van een meubelzaak in Amsterdam. In het verzet is hij bekend onder de schuilnamen “Guus”, “Lex”, of de “mollenvanger uit Laren”. Als een van zijn eerste verzetsacties heeft hij namelijk geprobeerd een medewerker uit de politiecel in Laren te bevrijden via een tunnel. De vloer van de cel is echter van cement en Hendrik komt niet door deze harde laag heen, zijn actie mislukt.

Persoonsbewijzen

Hendrik van Wilgenburg en Johannes Hessels zijn inmiddels de leidinggevenden in het verzet in het Gooi. Op 22 november 1943 organiseert Hendrik een overleg voor de Top van de LO in Laren, in het huis van Johannes Hessels aan de Velthuysenlaan 15. De grote vraag naar persoonsbewijzen is het belangrijkste onderwerp. Er wordt besloten een eigen Persoonsbewijs Sectie in het leven te roepen en Hendrik wordt het hoofd van deze organisatie in LO-verband. Het contact met de Persoonsbewijs Centrale van Gerrit Jan van der Veen, een zelfstandige organisatie, blijft gehandhaafd.

De vraag naar persoonsbewijzen wordt steeds groter. Hendrik probeert in het hele land contacten te leggen, het vervalsingswerk te coördineren en waar nodig te organiseren. Via contacten bij ambtelijke diensten lukt het Hendrik elke keer weer om de juiste persoonsbewijzen te leveren. De invoering van de Tweede Distributiestamkaart, een maatregel om alle Nederlanders opnieuw te registreren, vraagt nieuwe oplossingen. Zonder een afgestempeld zegeltje is een persoonsbewijs niet meer geldig. Nog vóór de invoering van deze maatregel zijn er echter zoveel valse en gekraakte zegeltjes in omloop, dat de vervalsingscentrales er geen moeilijkheden van ondervinden.

Vergaderingen

Hendrik onderhoudt het contact met de vertegenwoordigers van de LO uit het hele land door elke dinsdag zitting te houden aan de Nieuwezijds Voorburgwal 74 in Amsterdam. Zo ook op 13 juni 1944. Een in 1942 opgepakte verzetsman die voor de SD gaat werken, Engelbertus Brune, tipt de Duitsers over deze bijeenkomst. Alle aanwezigen worden als gevolg van dit verraad opgepakt. De slag is groot, maar de strijd wordt voortgezet. De opengevallen plaatsen worden snel weer bezet en uit veiligheidsoverwegingen wordt besloten kleinere centrales te stichten, die min of meer zelfstandig werken. Hendrik van Wilgenburg wordt op 4 september 1944 op de fusilladeplaats nabij kamp Vught gefusilleerd. Zijn vrouw blijft met de drie kinderen achter. Van de overige gearresteerden op 13 juni 1944 verliezen nog veertien anderen het leven in verschillende concentratiekampen. De voor de SD werkende verzetsman Brune wordt pas na de oorlog ontmaskerd en berecht. Hij wordt veroordeeld tot tien jaar met een proeftijd van drie jaar.


Aaldrik Hermans heeft mbv de familie een boek over hem geschreven:

August van Wilgenburg: portret van een verzetsheld – Historische Kring Laren

Maker van het herinneringsbordje en motivatie: Ria en John Timmerman

Indrukwekkende geschiedenis van de heren Hessels en van Wilgenburg en hun gezinnen.

Zij hebben veel en goed werk verricht op landelijk niveau. Voor alle onderduikers en verzetsmensen waren (vervalste) paspoorten en bonnen nodig. Bonnen om de onderduikers de gelegenheid te geven om ook de onderduikers eten te geven.

Zij hebben dit helaas met hun leven moeten bekopen.


Rutgerus Johannes Calis (Ruth)

Laren, 9 maart 1923

Zöschen (Buchenwald), 25 januari 1945

Bereikte de leeftijd van 21 jaar

Beroep:

Rutgerus (Ruth) Johannes Calis is de zoon van Johannes Jacobus Calis en Johanna Schaapherder. Op zijn bidprentje staat: ‘Na gedwongen tewerkstelling in Duitsland naar het Vaderland teruggekeerd, maar in juni 1944 opnieuw door de vijand gegrepen en afgevoerd.’


Ruth was eerste vrijwillig in Duitsland aan het werk geweest. Toen hij terugkwam werd hij aangehouden en moest voor de Arbeidsinzet weer naar Duitsland. Hij werd op 25-7-1944 afgevoerd naar Amersfoort. Zijn gevangenennummer was 2138. Op 28-7-1944 ging Ruth op transport voor de Arbeitseinsatz naar Halle Leuna-Werke, Landkreis Merseburg (firma Bahnstation). Hij zat in kamp Zöschen, waar de omstandigheden erbarmelijk slecht waren en daar is hij ook overleden.


Volgens Kamp documentatie: Begindatum van het kamp Zöschen (buitenkamp van Buchenwald): september 1944. Einddatum kamp: 15 april 1945 Bevrijdt door de Amerikanen.


De gevangen moesten zelf het kamp met de barakken bouwen, dat duurde tot november 1944. De gevangenen die niet bouwden, werden te werk gesteld bij de Leuna en Buna fabrieken in Merseburg. Dagelijks werden zij per trein, in veewagons, vervoerd naar hun werk. Als zij ’s avonds terugkwamen -na 12 uur hard werken en veel slaag- moesten zij zakken cement (50 kilo), die nodig waren voor de bouw van het kamp, op hun schouder meenemen naar het kamp. De jongens sliepen in niet verwarmde hardboard tenten.

bron: https://groningergijzelaars.nl/kamp/6/lager-zoschen



Vanuit zijn eerste periode is een schrift bewaard gebleven waarin hij gedichten en liedjes schreef. In ditzelfde schrift heeft zijn verloofde kort na de oorlog beschreven wat er met haar verloofde in Duitsland is gebeurd. Een bijzonder schrift.

Maker van het herinneringsbordje: Karin Calis;

Reactie Karin nadat ze het overzicht van Rutgerus had ontvangen:

“Ik heb het net zitten bekijken, en raar, maar dit doet echt wat met je. Hartstikke bedankt, erg blij mee.”


Nicolaas Maria van 't Klooster

Laren, 10 mei 1923

Hannover, buitenkamp, 31 maart 1945

Bereikte de leeftijd van 21 jaar

Beroep: timmerman

Nico van ’t Klooster was net als veel familieleden timmerman (Melkweg, Laren). Door een beenbreuk was zijn linkerbeen iets korter. Hij is in augustus 1944 samen met Kees Horst en Ab Duurland opgepakt. De laatste 2 zijn vrijgelaten maar Nico is afgevoerd. Hij is op 15-08-1944 gearresteerd wegens werkweigering en in kamp Amersfoort (blok 9) terechtgekomen.

Op 11-10-1944 is hij op transport gesteld van Amersfoort naar Neuengamme met 1441 andere gevangenen, waaronder 601 mannen uit Putten die waren opgepakt als vergelding voor een aanslag op de hoogste Duitse officier Rauter. Verder 106 politiemedewerkers die in verzet waren gekomen, 43 gevangen uit Gorinchem en 14 mannen uit De Bilt. Maar weinig van deze groep overleefden de Tweede wereldoorlog. Jaarlijks wordt dit transport herdacht met een Stille tocht vanuit kamp Amersfoort naar station Amersfoort.


Nico van ‘t Klooster is op 31 maart 1945 overleden in Hannover en begraven in Dusseldorf. Volgens zijn broer die ook in Duitsland voor de Arbeidseinsatz heeft gewerkt is hij doodgeschoten toen hij wilde vluchten, maar daar is geen bewijs van gevonden. Hij is later herbegraven in Hannover op een Nederlandse erebegraafplaats. Het gezin is dus lang in onzekerheid gebleven. In 1947 waren allen die wij nu herdenken al bekend.


Van ”t Klooster is pas in 1952 ingeschreven in de gemeentearchieven als overleden in Hannover op voordracht van de Minister van Justitie.

Bron: https://monument.vriendenkringneuengamme.nl/person/402558/nicolaas-maria-van-t-klooster


Maker van het herinneringsbordje: Marion van ’t Klooster-Angenent


Cornelis Bus (Kees)

Laren, 17 december 1905

Laren, Dolle Dinsdag, 5 september 1944

Bereikte de leeftijd van 38 jaar

Beroep: koopman/schoenmaker

Het is ‘Dolle Dinsdag’, 5 september 1944. Premier Gerbrandy verkondigt (onterecht) op Radio Oranje dat de Geallieerden de Nederlandse grens zijn overgegaan. Geruchten worden aangedikt: het zuiden van Nederland is al heroverd, het hele land zal nu elk moment bevrijd worden van de Duitse bezetting! Er ontstaat een overwinningsroes bij de bevolking. Onder de Duitsers en NSB'ers breekt paniek uit: administraties worden haastig vernietigd, waardevolle bezittingen en biezen worden gepakt en velen slaan op de vlucht richting Duitsland. Zo ook in Laren.

In alle vroegte probeert Kees Bus samen met zijn broer Henk en de Joodse buurman Dhr. Hessing ondergedoken op Zijtak 7, de rails van de Gooische Tram op te breken om de terugtrekkende Duitsers te hinderen. Dit gaat niet voorspoedig en ze besluiten om (schoenmakers) spijkertjes op de Rijksweg te strooien. Bewoners van de villa’s aldaar, voegen hier nog glasscherven en flessen aan toe. Menig terugtrekkende wagen van de Wehrmacht en Duitse soldaat te fiets, strandt op de Rijksweg met een lekke band. Vooral aan het begin van de avond is het raak. Bewoners van Laren begeven zich richting de Rijksweg.

Kees Bus gaat rond 19.30 uur, met de fiets, een kijkje nemen. Daar aangekomen voegt hij zich met de fiets aan de hand, bij de andere kijkers in de berm. Raapt terloops nog een zak hout op, gevallen van één van de wegtrekkende wagens en verbergt deze in een kuil in de berm.

De Duitse manschappen zijn behoorlijk slecht gehumeurd door dit treiterende oponthoud. Vlak voor het kruispunt richting Amersfoort, worden enkele omstanders onder schot gehouden en ingezet om het glas en de spijkers van de weg te vegen. Een stuk hier vandaan, in de berm, loopt Kees Bus met onder andere zijn broer Henk, zijn zus Marie en twee vrouwen: Carolina Zimmerman en Elisabeth Hoijtema van de Engweg.

Vanuit de richting van het kruispunt, klinkt een schot. Waarop Kees Bus besluit om daar een kijkje te nemen. De rest van het gezelschap volgt. Er volgen meer schoten. Kees Bus rent ontwijkend het struikgewas naast de weg in. Als het gezelschap arriveert, ligt Kees Bus op zijn buik in het struikgewas, 10 meter van de berm. Hij is door twee kogels in zijn rug geraakt. Niet lang daarna overlijdt hij.

Wat precies de aanleiding van deze schoten zijn geweest, is tot nu toe giswerk. Zou hij de Duitsers uitgelachen hebben, zou hij het vegen geweigerd hebben of was het louter grote pech dat twee van de rondvliegende kogels hem geraakt hebben?

Uit de verklaringen van de twee dames is niet op te maken dat hij de Duitsers niet ter wille was. Zij verklaarden dat hij, schoten ontwijkend, richting het struikgewas rende. Van Broer Henk en zus Marie is nooit een verklaring richting familie en/of politie gekomen. Wat wel een voldongen feit is, is dat Kees Bus een liefhebbende man en vader van 9 kinderen is op het moment dat hij doodgeschoten wordt.

In 1955 is door de weduwe Bus Buitengewoon Pensioen aangevraagd. Waarbij er een aanbeveling is van de heer Hessing.


Volgens deze aanvraag verklaarde de heer Hessing dat hij samen met Kees Bus al jaren sabotagedaden had gedaan. Op Dolle Dinsdag hadden ze eerst een tramrails van de Gooise Moordenaar proberen op te breken (mislukt) en toen hadden ze kistjes met kopspijkers op de rijksweg gestrooid. (Bus was schoenmaker en had zodoende genoeg kopspijkers). Of het pensioen is toegekend is niet bekend.

Maker van het herinneringsbordje en motivatie: Bernadette Palsma en familie,

Echtgenoot & Vader.

Wij willen hem graag een gezicht geven: Als liefhebbende echtgenoot en vader te midden van zijn gezin. Zijn dood heeft een grote wissel op het gezinsleven getrokken. Bij ieder gezinslid heeft dit sporen nagelaten. Na deze ‘Dolle Dinsdag’ duurt de oorlog nog een hele lange, zware winter voort. Nederland is pas na 8 maanden echt bevrijd. In de tussentijd vinden grote volksverhuizingen in het land plaats. Deels ten gevolge van de evacuaties van de bewoners uit de zuidelijke streken grenzend aan Duitsland, deels door de strenge hongerwinter. Ook bij het gezin Bus van Zijtak 15, worden eind september vijf evacuees uit Gennep ondergebracht.

Willem Arends

Laren, 18 maart 1910

Hilversum, 8 oktober 1944

Bereikte de leeftijd van 34 jaar

Gehuwd met Aartje van 't Klooster, 1 kind

Beroep:

De Tweede Wereldoorlog zit bij Johan Weiss in het geheugen gegrift. Hij weet dan ook heel veel te vertellen. Hij woonde met zijn ouders in de oorlog aan de Veldweg 18. Op nr. 16 woonde buurman Willem Arends. Willem was werkzaam bij de Coöperatie Steunt Elkander aan de Nieuweweg.

Johan Weiss vertelde hij dat hij in 1944 als 13-jarige op zijn jongensfietsje op weg was naar Hilversum. Op de Hilversumseweg, nabij de Utrechtse Waterleiding was een soort bunker. Daar werd je als het ware opgewacht door de Duitsers. Voor de fietsers was een smalle doorgang. Er stond die dag een hele rij mensen te wachten om erdoor te mogen.


Ook Johan Weiss en ook zijn buurman Willen Arends stonden in de rij. Was je er eenmaal door dan was je meteen je fiets kwijt, want die werden die dag gevorderd.

Johan Weiss mocht er ook door maar zijn kleine fietsje hadden ze niets aan, hij mocht door rijden. Zijn buurman, Willem Arends mocht er ook door. Een Duitser sprak hem aan, maar Willem was zo doof als een kwartel en hoorde niet wat er gezegd werd. Hij stapte op zijn fiets en wilder verder rijden. Maar de Duitser nam zijn geweer en schoot Willen in zijn rug. Hij was op slag dood. Willem liet een vrouw met kind achter.

Deze gebeurtenis zal Johan Weiss nooit vergeten. Bron: Bep (G.L.) De Boer.


Maker van het herinneringsbordje: Marlinda Renes


Ernst Woutman

Hongkong, 14 januari 1923

Limmen (Castricum), 7 januari 1945

Bereikte de leeftijd van 21 jaar

Beroep: student (Delft)

Ernst was student in Delft, was ongehuwd, Nederlands-hervormd

Achtergrond Ernst en Hein

Ernst Woutman en zijn twee jaar oudere broer Hein weigerden als studenten aan respectievelijk de Technische Hogeschool in Delft (nu TU) en de Economische Hogeschool in Rotterdam (nu Erasmus universiteit) in het voorjaar van 1943 de loyaliteitsverklaring te tekenen. De bezetter eiste deze ondertekening van alle studenten, wilden zij door kunnen studeren. Na hun weigering doken zij onder.

In november 1943 trachtten zij met enkele vrienden via Spanje naar Engeland uit te wijken. Door zware sneeuwval in de Pyreneeën mislukte de tocht over de Frans-Spaanse grens. Op de terugweg werden zij in Parijs door verraad gearresteerd. Ernst ontsnapte, wist naar Nederland te komen en kwam na enige tijd naar Parijs terug met valse papieren en persoonsbewijzen. Met deze documenten wist hij zijn broer en vrienden vrij te krijgen.[1]


Verzetsactiviteiten

Ernst en zijn broer Hein bleven enige tijd bij hun ouders op het Hoefloo in Laren (NH) en sloten zich in het najaar van 1944 aan bij de Binnenlandse Strijdkrachten in Amsterdam.


Arrestatie en moord

Op 16 december 1944 werden twee verzetsmannen die connecties hadden met Pallas tijdens een spionagetocht bij Barneveld gearresteerd. Pallas was een studentendispuutshuis in Amsterdam waar sinds september 1944 veel verzetsmensen bijeen kwamen en er ook wel overnachtten. Er lagen ook wapens opgeslagen.


Tijdens zware verhoren, waarbij werd gemarteld, sloeg een van de verzetsmannen door en gaf informatie over Pallas en de sleutel van het huis. Als gevolg hiervan werden op de vroege ochtend van 19 december alle in Pallas aanwezigen, onder wie de broers Woutman, door de Sicherheitspolizei gearresteerd. Zij werden overgebracht naar het Huis van Bewaring aan de Weteringschans.

Ernst werd op de lijst van Todeskandidaten gezet die in aanmerking kwamen voor fusillering bij represailles.


Op 7 januari 1945 werd hij met negen andere verzetsmensen, onder wie medegearresteerden, in Limmen doodgeschoten als represaille voor het doden van een Duitse dienstplichtige soldaat door het verzet. De tien lichamen werden op bevel van de bezetter in een massagraf in de duinen bij Overveen begraven.

Hein werd begin februari 1945 naar concentratiekamp Neuengamme gestuurd. Op 1 april 1945 overleed hij aan dysenterie in Wöbbelin, een buitencommando van Neuengamme.

Ook hun oudere broer Job, die eveneens in het verzet had gezeten en na arrestatie via verschillende gevangenissen in een buitencommando van Neuengamme terecht kwam, overleefde de oorlog niet. Hij overleed in februari 1945 als gevolg van honger en uitputting in het Arbeitserziehungslager Lahde. Job en Hein werden in Duitsland begraven.

[1] Ernst Erik WOUTMAN | Stichting De Eerebegraafplaats te Bloemendaal (eerebegraafplaatsbloemendaal.eu)

Maker van het herinneringsbordje en motivatie: Eva Peters,

De broers Woutman kwamen in een tijdsbestek van 3 maanden om het leven.

In die tijd waren zij niet samen maar zullen zij elke nacht onder dezelfde sterrenhemel en maan geslapen hebben.

Hetgeen deze broers voor altijd zal verbinden.


Jacob Ruurd (Job) Woutman

Batavia, 7 augustus 1918

Lahde (Minden), 28 februari 1945

Bereikte de leeftijd van 26 jaar

Beroep: kantoorbediende

In oorlogstijd werd Job verbindingsofficier van de OD onder majoor C.F. Overhoff, regio Amsterdam. Hij werd gearresteerd in een clandestiene drukkerij in Amsterdam door de Sipo (Sicherheids Polizei. Na diverse kampen overleed hij in Arbeitserziehungslager Lahde Neuengamme aan hongeroedeem.


Maker van het herinneringsbordje en motivatie: Eva Peters,

De broers Woutman kwamen in een tijdsbestek van 3 maanden om het leven.

In die tijd waren zij niet samen maar zullen zij elke nacht onder dezelfde sterrenhemel en maan geslapen hebben.

Hetgeen deze broers voor altijd zal verbinden.


Maarten Hendrik (Hein) Woutman

Bandoeng, 16 januari 1921

Wobbelin Ludwigslust, 1 april 1945

Bereikte de leeftijd van 24 jaar

Beroep: student Econ. Hogeschool R'dam

Maarten heette voluit Maarten Hendrik, en werd in de wandeling vaak als Hein aangeduid. Evenals zijn broer Ernst weigerde Maarten als student aan de Economische Hogeschool in Rotterdam (nu Erasmus universiteit) in het voorjaar van 1943 de loyaliteitsverklaring te tekenen. Maarten was lid van de BS-groep Dirk de Geus. Hein (Maarten) werd op 2 februari 1945 met de laatste trein naar concentratiekamp Neuengamme gestuurd, waar hij op 4 februari aankomt. Op 1 april 1945 overleed hij aan dysenterie in Wöbbelin, een buitencommando van Neuengamme.

Maker van het herinneringsbordje en motivatie: Eva Peters,

De broers Woutman kwamen in een tijdsbestek van 3 maanden om het leven.

In die tijd waren zij niet samen maar zullen zij elke nacht onder dezelfde sterrenhemel en maan geslapen hebben.

Hetgeen deze broers voor altijd zal verbinden.